Smackin’ votes

Het was zo aandoenlijk. Eerst hadden we de samenscholing, vanochtend om 8.20. uur. Onze gabbers hadden de boodschap meegekregen, maar die drong maar half door. Ze waren duidelijk van de leg: ‘Jufjufjufjuf, wáárom staan we HIER? In de speeltuin?’ Het was natuurlijk keivet, om al schommelend op de rest te wachten, al begrepen ze er nog steeds geen barst van. In de klas gaf ik een mini-cursus Staatsinrichting. ‘Waarom staat die vlag buiten naast de ingang? Het is druk, is jouw familie meegekomen vandaag? Waarom mogen we eigenlijk stemmen in Nederland? Mag dat overal ter wereld, zo je stem uitbrengen? Ken je politieke partijen?’ Iedereen kende Mark Rutte, dat was een prima start. Het werd een serieus gesprek, en het bleek dat het hele politieke spectrum vertegenwoordigd was in onze gezinnen. Daar werd door onze club negenjarigen vrijelijk over gesproken, zonder oordeel. Een kind had zelfs de Kinderkieswijzer ingevuld en daar kwam de Partij voor de Dieren uit. Hij was er verguld mee – want erg dol op dieren. Ze wilden weten wat ik gestemd had, en waarom. Uiteraard vertelde ik dat, en ik vertelde ook waar ik gestemd had.

Maandag laat in de ochtend was ik al op pad. Ik had gebeld of het toegestaan was, zo vroeg al. Het was toegestaan. Niet meer te houden was ik, dit was een ‘een keer in je leven’, ik ging stemmen in onze 013! Alle medewerkers straalden omdat ze open mochten en ik straalde een uur lang terug. Bleef overal hangen en fotograferen, tegen alle geboden in. Het was zo lang geleden dat ik daar stond te huilen om Paskal Jacobs. Stond te rocken bij The Earring en ander bekend spul. Over de trappen zweefde bij een dance-avond. Een handtekening voor onze Giovanni kreeg van Paul van Loon, bij een literair kinderfestival.

Na het stemhokje kon ik kiezen: ik kon rechtsaf naar de uitgang, of linksaf naar de Experience. Ik koos links.
Dwalend ging ik backstage over de rode loper, door een labyrint van trapjes en gangen, langs ingepakte verrijdbare versterkers… en toen kwam het. Ik kreeg een artiestenpas om mijn nek, ter voorbereiding op wat er komen ging. En oh, wat was het zoet:
Mijn opkomst in de Grote Zaal, op het hoofdpodium, solo, vol in de spotlights, met mijn verzoeknummer op een stampend stadionvolume, God is a DJ, onder vuur genomen door twee paparazzi. Bestaat er ook zoiets als het Stendhalsyndroom bij muziek?

Ik koos voor The Prodigy, omdat ik ooit met mijn 25 lentes op een zompig weiland na een nacht feesten met hen tot leven gewekt werd, tijdens de afterparty. Smack my bitch up!

Ik koos ook voor Groen Links.
Niet vanwege Jesse, maar vanwege het Groen en het Links.
Dat is alles. Dat is genoeg.





Zip to Friendship

Zip to Friendship

Ik ging naar Tilburg om de rits te zien.
Ik zag de nieuwe rits. De handhavers
die kalm hun ronde reden als beschavers
toen Pablo daar zat. Met een man of tien.

Ik liep op hen af, ging dwars door het gras,
een oergevoel werd daar herboren.
Die zuivere weerklank, als nooit tevoren
van dat wat er altijd nog was:

Innige vriendschap. Op de gevoelige plaat
vastgelegd in een milliseconde.
Laat dat nooit meer aan hen ontglippen.

Al doen de handhavers hun duizendste ronde: 
bij de rits hoef ik maar te zippen. 
In Tilburg heb ik de lente gevonden.

Karin van Spaandonk
27 februari 2021

(naar: Martinus Nijhoff –  De moeder de vrouw)  

Retraite

In de tijd van Caspar Friedrich zaten schrijvers en andere artistiekelingen lijdend op een bergkam. Vol wanhoop staarden zij in de nevelen, zich de haren uit het hoofd rukkend. Zou de kwelling van de afzondering een louterende fase in het creatief proces inluiden?

Een paar weken terug boekte ik dit huisje in het veld, met zulke gedachten. Niet dat ik mijn haren eruit wilde rukken, maar een tikje ‘eraf’ lag ik wel. 2020 was met een paar grote knallen geëindigd, nu wilde ik tijd voor mezelf. Doodmoe stapte ik in 013 in de auto, hoeftrappelend arriveerde ik in Drenthe. Ja! Ik ging een fabel schrijven omdat ik allerlei dieren zou gaan ontmoeten. Ik ging poëzie bedrijven, want dat métier heb ik erg verwaarloosd. Ik ging de resterende 1200 pagina’s van het geweldige Oorlog en Vrede van Tolstoj uitlezen.

De fabel wilde maar niet van de grond komen. Tijdens mijn dagelijkse wandeltochten herkende ik alleen die eenzame reiger, verder was ik te kippig om de rest van het vogelarsenaal te kunnen onderscheiden. Met de poëzie ging het ook niet best; matig is hier een understatement. De sneeuwdeken smolt onder mij vandaan en juist toen ik een of andere druipmetafoor had bedacht voor de liefde, gleed ik uit. Doe normaal Kaat, weg met dat kutgedicht. Tolstoj heb ik niet eens opengedaan.

Wel werd ik voor nieuwe opdrachten benaderd door twee mensen uit mijn netwerk en heb ik een plan gemaakt voor een andere opzet van mijn website. Parallel aan het kijken naar The Queen’s Gambit heb ik mijn online schaakpotjes weer opgepakt. Af en toe zat ik nog iets te zingen met mijn gitaar erbij en de loutering was bijna compleet. The Whole of the Moon!

Toen gebeurde het.

Tijdens een van mijn omzwervingen liep ik bovenop een bronzen beeld, plus een levensgevaarlijke oversteekplaats, een brug, een sluis en een kroeg. Dit kon niet waar zijn. Ik wilde juist géén roman gaan schrijven, dat niet, en hier lag ie. Ondanks mijn hekel aan hardlopen ben ik zo bijna teruggerend naar het huisje. De plot en de personages staan intussen uitgebreid op papier, wat een feest, wordt vervolgd. Ik ben tevreden.

Giovanni is meer dan tevreden, die heeft zijn eigen retraite gehad. Gisteren kwam ik thuis en stapte ik met mijn sok in een plas bier. Als ik hem vandaag nog één dweilles geef, heeft hij toch gecarnavald. Vanavond geef ik hem een louterend hair-of-the-dog-biertje. Proost lieverd, volgend jaar doen we het weer zo.

Ringeloren en blokstaven

Hé Hugo,

Waarom rijmt jouw naam nergens op? Ik ken alleen het Spaanse ‘jugo’, maar dat moet ik gorgelen als ‘goego’. Daar gaat mijn voornemen om vooral te gaan dichten in 2021. Ik wil je iets vragen, daarom schrijf ik je deze brief.

Hugo, je bent een ijdele man. Je hebt vast zo’n bruiningskanon in je statige huis op Katendrecht. Ferm stamp je daar op je krokodillenleren schoenen rond. Heb je al een paar met een print van het virus? Hoe voel je je als je over de Hoerenloper richting de Kop van Zuid paradeert? Ben je bang dat je strakke kapsel dan in de war raakt? Of heeft Mireille er zoveel lak opgespoten dat het als een harige helm rond je schedeldak ligt?

IJdelheid wordt in Nederland ten strengste gestraft.
Stel je toch eens voor dat je opvalt.
Dat je met een kale kop en twee hondjes de dandy uithangt.
Dat je als een prachtig naakt bij een zwembad gaat liggen, en daarna nog op je vleugel, met een zakje troostlavendel.
Dat je voor de goegemeente van Instagram in een eikeltjespyjama tv kijkt.
Dat je flirt met mevrouw Arib, rookt als een ketter en vileine debatten voert.
Dat je je geföhnde hoofd boven het maaiveld uit durft te steken, in het hart van een pandemie.
Dan word je eerst gestenigd, daarna platgestampt, en tenslotte vergruisd, verzwolgen en uitgespuugd.
‘Ringeloren en blokstaven die handel!’ riep onze concierge vroeger.

Ik ben best een fan van Youp, maar toch.
Toen ik zojuist zijn laatste column las in de NRC, moest ik even slikken. Zijn oordeel over jou was snoeihard. Ik begrijp het allemaal niet goed, het is zo gratuit, het zal wel aan mijn nuchterheid liggen. Het FC Emmen van Europa? Denk je dat Youp weet heeft van onvergelijkbare infrastructuren en zorgstelsels in totaal verschillende EU-landen? Van een crisissituatie die lastig te voorspellen valt? Van malafide handelspraktijken bij Big Pharma? Ik denk het niet.

Daarom ben ik in mijn pen geklommen. Hugo, serieus, ik vind je schoenen prachtig. Je doet het prima, ik zou ook niet weten wie het beter zou kunnen. Youp is wellicht het beste alternatief. Hij is ervaringsdeskundige op het gebied van corona, dus ik stel het volgende voor:
Als de ergste storm geluwd is, nodig ik jou uit voor een dag in het Stedelijk in Amsterdam. Daar ben je minder bekend dan in Rotjeknor. Ik pik je op bij Amsterdam CS, volledig incognito. Dan wandelen we langs Youp aan de Prinsengracht, dat is maar een omweg van vijf minuten. Daar draag je jouw schoenen, je maatpak en je dossier aan hem over, zodat hij in stijl de administratieve verwerking van het gebeuren op zich kan nemen. Jij trekt ter plekke een makkelijke jeans aan met iets slobberigs erop, dat mag voor één keer. Ik draag dan mijn nieuwe Hugo-trui, en mijn witte sneakers. En houdoe, wij zijn er weg van. Even ertussenuit. Je krijgt vast goede zin van de werken uit de CoBrA-collectie, een beetje kleur zal je oppeppen!

Deal?
We appen nog wel te zijner tijd.

Hopelijk tot gauw,

Groetjes, Karin

p.s. Het enige wat me een tikje stoort, is jouw staccato dictie. Dat komt vast omdat ik een oer-Braba ben, met zo’n grootse zachte G. Ik zal er na een half uur wel aan gewend zijn. Toch? Hou je haaks, hè.



Uit de opruiming, kostte bijna niets



Bol.com

bol.com | bol.com cadeaukaart - 100 euro - Voor jou









Wordt het een kleine, wordt het een grote
En elke kleur heeft plussen en minnen
Wil ik dan ranke of ruige poten?
Vandaag nog besteld = morgen binnen!

Het kleffe zakje klik ik er nog bij
Voor als ik van die warme drol af moet
En zing: oh, wat ben ik heden blij
Als ze dan morgen maar keurig ‘waf’ doet.

Mijn mandje is vol, het is een chihuahua
Een pitbull kijkt wel een stuk kordater
Maar ik wil flaneren zoals Melania
Na negenen graag, of nog veel later

Straks ben je hier, mijn liefje, ik kus je
Mits je niet kotst in het DHL-busje










Ondernemen van A tot Z – de Z (slot)

Zacht

Drones in Schotland

Bijgelovigheid is mij vreemd. Ik zwaai naar elke zwarte kat die mijn pad kruist en loop onder alle ladders door. Maar wat een jaar was 2020. Zou het toch aan die dubbele getallen liggen? Het lijkt wel alsof ik elke dag dubbel geleefd heb.

Het jaar begon met het einde van een woelige romance, die destructief bleek. Au.

Kort daarna stopte ik met Facebook en Twitter. Wat een rust, zonder de gratuite oordelen van de massa.
En dag hoor.

In maart legde het coronavirus de hele wereld plat. Al die zieke mensen, failliete ondernemers en onze ontheemde kinderen van De Triangel hebben een diepe indruk op me gemaakt. Wat was ik blij dat ik de keiharde meningen ook niet meer hoefde te lezen op Facebook en Twitter. Ga zelf in de krokdillenleren schoenen van Hugo staan, zou ik zeggen.

Het werd vanzelf april. Ik las de aanbevelenswaardige biografie van Elon Musk en De meeste mensen deugen van Rutger Bregman. Daar had ik weer tijd voor, lekker.

In mei ontmoette ik een soulmate. Een wat? Ja, het bestaat. Een intense periode volgde, waarin heel wat gevoelsluikjes opengetrokken zijn. Daardoor kon ik oud zeer en nieuwe angsten uit de weg ruimen. We konden ook hard pilsen, zoals hij dat zegt. Onze wegen wijken, maar het was onvergetelijk.

De kinderen mochten in juni weer naar school. In een roes heb ik die dag voor onze groep 5A gestaan, het was bijna magisch. Het verslag kun je hier lezen, pure drugs waren het.

De aanhouder wint: in juli heb ik dan eindelijk een testrit afgesmeekt bij Tesla Tilburg Factory. Woesj!
Wat begon als een zwetend avontuur, eindigde met een wellness-gevoel. Great companies are built on great products, aldus Musk. Als ik verstand van auto’s had, zou ik bij Sales gaan werken. Wie weet?

In augustus ben ik in twee nieuwe projecten gestapt, echt zo ontzettend gaaf.
* Onze school heeft drie Struikelstenen geadopteerd in de wijk. De studenten van de Fontys Academy For Creative Industries ontwikkelen een app waarmee de kinderen van onze school een historische wandeling kunnen maken. De initiatiefneemster en ik begeleiden het proces voor een deel. Een uitdaging, want de voertaal is Engels. Toen we de pitch moesten inleiden, had ik voor het eerst sinds twintig jaar weer zenuwen om voor een groep te spreken. De app is prachtig, wordt vervolgd.
* Een lief pubermeisje bij Breda College heeft het erg zwaar in haar klas. De directie vraagt mij of ik haar in de ambulante begeleiding wil gaan helpen met lezen en rekenen. Ik werk één op één met haar, in haar woonvoorziening. Ze heeft een verstandelijke beperking en communiceren is moeilijk soms, maar we hebben heel goede vibes. Ik kan het niet uitleggen. Over Passend Onderwijs gesproken.

September. We leven met één been in een halve lockdown, maar het werk gaat gewoon door.
* Er zijn plannen voor de uitgave van een boek over de kunstenaars van The Living Museum, een geweldig initiatief hier in Tilburg. Ik mag aanschuiven bij diverse brainstormsessies en ga binnenkort op pad om een kunstenaar te interviewen.
* Samen met een docent drama ga ik een workshop ontwikkelen voor basisschoolkinderen in Tilburg. De workshop sluit aan bij de brutale theatervoorstelling Pippi… Powerrr! En nu maar hopen dat de theaters open mogen in het voorjaar…

Wat was er ook alweer in oktober?
Ja.
Mijn eigen schoolbestuur wil een glossy gaan uitgeven en ik ga op pad voor interviews en andere leuke content. Weer eens iets anders dan een Koersplan, een nogal taai beleidsding voor ons soort blije onderwijsmensen. In 2021 gaat de glossy er komen.

November was de maand van onze verhuizing.
We hebben in twee weken tijd ons boeltje ingepakt en wonen nu in een mooi appartement, midden in de binnenstad. ‘Welkom in de residentie!’ begroette ik gisteren een vriendin aan de voordeur. Ik dwaal me suf, leer Tilburg weer opnieuw kennen. Een beetje apocalyptisch is het wel, met al die donkere winkels.

Een crisis komt nooit alleen. In december ontplofte het hier thuis met onze puber, en voor de tweede keer gingen we in een lockdown. Ik heb daar ooit één keer het mijne van gezegd en daar laat ik het bij.

Lieve mensen, het jaar is hard gegaan.
For better, for worse, for richer, for poorer, in sickness and in health.
Het was in bepaalde opzichten erg heftig, maar toch kijk ik er met een goed gevoel op terug.
Hopelijk kunnen jullie ook wat lichtpuntjes zien, zoals in de foto hierboven.

Laten we in het nieuwe jaar minder hard stressen en minder hard roepen.
Zacht.

Alle goeds voor 2021!

Kaatje













Ondernemen van A tot Z – de Y (hoe het zo komt)

Musk Miss Sporty parfum - een geur voor dames

Als kind was ik al geen Miss Sporty.
Ik was dat sneue meisje dat altijd als laatste gekozen werd bij de gym. Het klamme zweet breekt me uit als ik terughaal hoe ik door minstens twee personen over de bok, brug en kast gesleurd moest worden. Ik was die doorrookte puber die stond te kotsen naast het sportveld tijdens de Coopertest. Een griezelverhaal à la Roald Dahl -waarin ik op gruwelijke wijze afreken met een gymdocent- zit al jaren in mijn hoofd. Ooit komt het op papier.

Het duurde een eeuwigheid eer ik leerde fietsen en het is nog steeds geen hobby van me. In 2017 was ik in een wellness duinhotel op Texel en smeet ik dit op Facebook:



Nooit, nooit komt dit nog goed. Ik heb zelfs een intense angst opgebouwd voor mannen die in strakke fietspakjes op de foto staan. Ontzettend de-erotiserend vind ik dat, zo’n glimmend, knellend brrrrroekje.
Swipe… naar links!

Wat te doen? Van schaken, poolbiljarten, DuoLingo, Netflixen, bed-lezen en glasheffen gaat mijn lichaamsgewicht dezelfde kant op als de koersen van mijn geliefde Tesla.
Slecht voor mijn gezondheid en slecht voor het moreel. Als ondernemer zonder arbeidsongeschiktheidsverzekering moet ik lief zijn voor mezelf.
Daarom ben ik sinds de coronacrisis met enige regelmaat aan het wandelen. Twee à drie keer per week een uur, het liefst in de vrije natuur, al kan het doorkruisen van mijn eigen 013 ook heerlijk zijn.
Toch is het niet genoeg. Er moet meer gebeuren.
Daarom heb ik vorige week iets aan mijn eregalerij toegevoegd, blootvoets:

Yoga.

Wordt vervolgd.



Ondernemen van A tot Z – de X

De staredown tussen Mark Rutte en Rico Verhoeven. (foto: @ricoverhoeven / Instagram)
Hier won je de staredown van Rico Verhoeven

Ha die Mark,

Deze week was je tien jaar onze minister-president. Van harte, kerel, en dat meen ik uit de grond van mijn linkse hartkamer! Het was niet allemaal rozengeur en maneschijn. Door het passend onderwijs hangen sommige van onze leerlingen te bungelen tussen de wal en het schip. Dat neem ik de voorgaande kabinetten hoogst kwalijk. En wat te denken van de vergaande marktwerking in de gezondheidszorg? Een peperdure doorn in mijn oog, wat ik je brom.

Je laatste wapenfeit is dat je onze Koning Pils naar Griekenland hebt laten vertrekken, foei. Gelukkig hoor ik dat je hem intussen hebt geappt: ‘Wim-Lex, ik werd al beschimpt en bespuugd aan Het Plein, maar dit wordt te grof, jongen. Willem Engel en consorten overmeesterden me gisteren; ze slaagden erin om twee dreadlocks in mijn korte kapsel te draaien. Kom per omgaande terug met dat vliegtuig.’
Het kan verkeren.

Maar daar gaat het nu niet om. Deze brief is voor jou als mens bedoeld.
Het is ook de eerste en laatste keer dat ik me publiekelijk uitspreek over deze kwestie.

Ik mocht deze week voor mijn halfjaarlijkse controle naar de specialist, alles was in orde gelukkig. Volgens de statistieken behoor ik tot de risicogroepen. Ik ben niet bang aangelegd als het om COVID-19 gaat, ik heb andere zorgen. Maar toch, toen ik in het Elisabeth-TweeStedenZiekenhuis tussen honderden mede-mondkapjes rondliep, gaf me dat een veilig gevoel. Het interesseerde me niet of de aerosolen te klein waren zodat ik dwars door dat kapje een besmetting op kon lopen. Het zal me werkelijk worst wezen of de ventilatiemethodieken wel of niet zijn goedgekeurd door onze stemming- eh, opiniemaker Maurice de Hond. Ik vind het ook allemaal niet tof, om maar even met jouw jargon te blijven spreken. Desondanks blijf ik me rustig houden aan de richtlijnen.

Afgelopen dinsdag gaf je weer een persconferentie. Als zelfverklaarde taalfetisjiste heb ik eerst een minuut zitten schateren om jouw opening met uitgestreken gezicht: ‘De hamer waarmee we het virus platslaan.’ Wat een idiote metafoor, ik zie het gewoon voor me. Jij met je twee dreadlocks en een reuzenhamer, als een eigentijdse Thor. Toen ik was uitgelachen, besefte ik de ernst van de situatie weer.

En Mark, ik heb diep respect voor je. Je lijkt onvermoeibaar en onverwoestbaar. Je moet het volk informeren, geruststellen, waarschuwen, schouderklopjes geven, bestraffend toespreken. Elke week komen er weer nieuwe inzichten bij en elke bevolkingsgroep zit met haar eigen belangen. De situatie is nieuw en je moet varen op informatie van een leger specialisten dat het ook niet 100% in kaart kan brengen. Daarbij maak je soms fouten, en dat is oké. Ik geef het je te doen, je zult wel slapeloze nachten hebben. Bel je dan met Nachbarin Angela?

Mijn steun heb je, hoe dan ook. En je vriend Hugo heeft mijn steun ook, al is zijn stem te staccato om naar te luisteren. Maar ook hij werkt zich achterover, alle complottheorieën ten spijt, kom op zeg. Hij fleurt de zaak tenminste nog op met mooie schoenen, daar mogen veel politici een voorbeeld aan nemen.

Ik ga deze brief besluiten met één van de laatste letters in mijn ondernemersalfabet: de X.
Die representeert vandaag het getal 10, vanwege jouw jubileum. Omdat ik te veel smokkel met getallen in een alfabet, representeert de X nog iets anders.

#ikdoenietmeermee
wordt door mij met ingang van vandaag omgedoopt tot
#eenkusvoordepremier

Houdoe Mark, je bent een topper!

X

Kaatje


Ondernemen van A tot Z – de W

Woesj!

Vandaag doe ik een Bas van Putten-tje.
Wie niets om auto’s geeft, mag gerust afhaken.
Ik ga naar Tesla Tilburg Factory voor een testrit in een Model 3.

Weken vantevoren zindert het hier al vanwege deze thuiswedstrijd.
Ik heb een online formulier ingevuld en word binnen twee dagen gebeld door Rasoul, mijn contactpersoon bij Tesla Sales. Rasoul informeert discreet naar de status van mijn bezoek, opdat hij geen idiote joyrider binnenkrijgt. Uiteraard ben ik zo iemand. Ik heb geen rooie rotcent en dat zeg ik hem ook eerlijk. Beleefd aarzelt hij even, maar dan leg ik aan. Al mijn munitie haal ik tevoorschijn, ik tralala een tijdje over mijn adoratie voor Elon Musk en zijn biografie.
‘Die batterijen die tijdens de testfase in de fik vlogen!’
‘En oh, die Duitse autodesigner!’
‘Wat denk je van zijn SpaceX-programma?’
Geen idee wat Rasoul ervan denkt, maar hij zegt uiteindelijk: ‘Je mag komen testrijden.’
Ik voel me rijker dan Máxima.

Hier in Tilburg zijn drie vestigingen op een vierkante kilometer en ik sta per ongeluk eerst in de fabriek waar alle Tesla’s geassembleerd worden. Er is geen levende ziel te bekennen en ik raak bevangen door een religieus gevoel. Wat de Apple Store is voor de computernerds en Camp Nou voor de Catalanen, is Tesla Tilburg Factory voor de autofreaks. Een tempel, the Holiest of the Holiest. Alles is er tot in de puntjes verzorgd, in strak glimmend rood-wit-zwart design.

Twee medewerkers verwijzen me naar Sales, drie blokken verderop. Ik ben te laat, het is al 11.05 uur. Godsamme, dat is niets voor mij, ik begin te zweten, er scharrelt een troep ganzen door de berm, als ik die maar niet ga platrijden tijdens mijn testrit.

Na wat gegoogel blijkt dat Rasoul ook een personal trainer is, de ideale man voor bij Sales. Groot, breed, vriendelijk, empathisch, zeer relaxed. Hij begeleidt me naar mijn Tesla en door het openstaand portier legt hij de procedure stap voor stap uit.
Alles is volledig elektronisch. Er is zelfs geen sleutel, maar een pasje dat je in een sleuf moet leggen. De boordcomputer met een hip flatscreen regelt alles: navigatie, muziek, climate control, kilometerteller, de mogelijkheden zijn eindeloos. Wat ik heel mooi vind is de actieradius, altijd het onderwerp van gesprek bij elektrische voertuigen. Nog 371 kilometer te gaan op de batterij die voor 3/4 gevuld is. Dat is ver. Daarmee kan ik mijn Model 3 ontvoeren naar Friesland.

Eerst maak ik de autogordel vast, een zwart trek- en rolmodelletje uit de 20e eeuw dat ik mechanisch vast moet klikken.
‘Dit valt wel een beetje tegen, Rasoul!’ Gelukkig heeft hij humor.
De stoel, het stuur en de buitenspiegels moet ik met allerlei palletjes in de goede stand zetten, dit gaat volledig elektrisch en in stilte.
Ik ben erg onder de indruk en voel me een kleine kluns, maar geduldig en gedecideerd legt Rasoul alles uit.
‘Als je deze stoel helemaal goed afstelt, lijkt het alsof je een knuffel krijgt.’ Daar moet ik vreselijk om lachen, maar hij heeft gelijk. Mijn boven- en onderrug worden dusdanig ondersteund dat ik in een luie stoel lijk te liggen. Je kunt de standen van de stoel, het stuur en de spiegels zelfs opslaan in je eigen profiel; met één tik op het touchscreen staat alles weer in de stand die voor jou perfect was. Ik vind het net de Batmobile.
Na een kwartier ben ik ready for take off.
‘Trap maar even op de rem. Daarmee zet je de motor aan. Ja, prima.’
‘Is ie nu aan? Nee… Ik hoor niks. Klopt dat wel? Jawel, ik hoor toch een motorgeluid.’
‘Nee, dat is die vrachtwagen verderop die stationair staat te draaien.’
Ik ben verbluft.

Een tikje onhandig rijd ik de parkeerplaats af, maar na één minuut voel ik het al. Dit rijdt fantastisch. Ik hoef niet te schakelen, alleen maar gas te geven en te sturen. Op de ventweg rijdt helemaal niemand en ik geef plankgas. Binnen een paar seconden zit ik op 120 km/u. Woesj!
Ik ben akkoord gegaan met de voorwaarden dat ik bij schade 2500 euro zelf moet betalen en dat alle verkeersboetes voor mij zijn. Maar niet meer doen dus.
Geruisloos glijd ik door Tilburg, wat een feest. Op de Bredaseweg win ik alle wedstrijden bij de verkeerslichten, gefeliciteerd Elon, wat accelereert ie snel en wat heb je er toch een bloed, zweet en tranen ingepompt. Ik maak een diepe buiging voor jou.
Wat ik fascinerend vind, is het feit dat je bijna niet hoeft te remmen. Na een kort tikje valt hij bijna meteen stil. Niet schokkerig, ook dit gaat heel smooth.

Na een half uur moet ik helaas weer uitstappen. Rasoul laat me in de showroom nog zien wat er onder de motorkap zit. Niets, want een Tesla rijdt op een enorme batterij die bijna over de hele bodem van de auto loopt.
Naast wat kleine elektronica is er dus wat extra laadruimte onder de motorkap. Geen overbodige luxe, want de laadruimte achterin vind ik het enige minpuntje. Die is erg laag en erg diep, alsof je een tunnel in moet kruipen, maar een mens kan niet alles hebben. Nog nooit heb ik zo’n rij-ervaring gehad, het voelt alsof ik de hele dag in een wellness-oord heb vertoefd. Ik ben om.

Dus… ga ik sparen voor een Model 3. Ik heb een lief familielid (ook een fan) al gevraagd of we een co-autoschap kunnen gaan vormen. Hij denkt er nog over na. Wellicht is een bedrijfsleaseplan een optie, maar dat moet ik nog gaan uitzoeken.
Enne, Rasoul: wist jij dat Musk zijn Model 3 eigenlijk Model E had willen noemen? Dan zou de letterreeks SEXY ontstaan, maar helaas werd dat verboden. Je kunt het ontdekken in de biografie van Musk, aanbevelenswaardig voor alle salesmensen bij jullie. Het leest als een Tesla.
Ooit sta ik weer bij je op de stoep, dankjewel voor alles!












Ondernemen van A tot Z – de V

Deze alfabetconstructie is wel de Koningin der Clichés, en mensen… wat ben ik aan vakantie toe. Ik heb me voorgenomen om het hele weekend met mijn laptop in bed te blijven en mijn laatste deadlines hier te gaan halen. Tussendoor slaap, eet en drink ik.

Goed, even mijn hersenen opwarmen voordat ik aan het werk ga.
Wat voor ondernemerigs met een V zal ik dan nu in godsnaam gaan verbloggen?
Videocontent? Vakliteratuur? Villamedia?

Nee.

Gisterenavond kwam ik laat thuis en trof ik Jan happy spacend in zijn kamer aan. Hij had in het Spoorpark een paar joints gerookt met mensen uit zijn 4 VWO-klas, om de vakantie in te luiden.

‘Hé, grasssshopper. Was het leuk met je klas?’
‘Ja, we waren met een heel stel. Het was echt gezellig, we zaten helemaal achteraan bij die skatebaan. … , … , … , … , … , … (noemt minstens zes namen) waren er allemaal.’
….
‘Mooi. En nu krijg je een hongerklap zeker?’
‘Ja. Oooh, je hebt streaky bacon gehaald! Lekker!’
‘Speciaal voor jou gekocht. Haha, nu ben ik zeker wel een goede moeder?’
‘Haha, nu wel ja.’
‘Ik ben ook wel eens een slechte moeder, toch…’
‘Als je mijn zakgeld te laat betaalt, ben je een slechte moeder.’
‘En als ik naar je schreeuw ben ik ook een slechte moeder.’
‘Dan ook, ja.’
‘Gelukkig gebeurt dat helemaal niet meer. Heb jij zelf enig idee hoe dat komt?’
‘Je hebt het blowen van mij losgelaten.’
‘Dat klopt, ik was alleen nog maar daarop aan het letten. Heel a-relaxed was dat. Maar jij hebt het ook losgelaten, je doet het uit jezelf een stuk minder.’
‘Klopt.’
‘Fijn toch?’
‘Zeker. Ik ga nog even netflixen.’
‘Doe dat. Smakelijk, ik ga nog even gitaarspelen.’
‘Doei.’
‘Doei!’

Het zijn behoorlijke groeistuipen die we hier doormaken.
Ik sprak laatst een hulpverlener en toen zei ik: ‘Die eerste twee weken van de coronacrisis leken op een bevalling, door zo’n verscheurend losmaakproces gingen we.’

En nu drijven we rustig naar een nieuwe fase, hij en ik.
Het is volwassenheid.
Met een kleine v dan toch, we moeten er niet te groots over doen.

In de spiegel van Anish Kapoor, De Pont
2012